blog-claire

Video: Claire over haar leven met doofheid

Claire werd doof toen ze nog een peuter was. De boosdoener: een ongelukkige hersenvliesontsteking. Wat deed dat met haar leven? En met haar loopbaan? En hoe was om niet doof te zijn geboren en later dan haar leeftijdsgenootjes  gebarentaal te leren?

In deze video gaan we bij Claire op de koffie en neemt ze ons mee in haar wereld.

Op deze dag straalden de zon en Claire zó fel, dat zowel beeld als geluid erdoor van slag raakten.
Lukt het je om daardoorheen te kijken? Dan hoor (of lees) je waarom Claire met een afstandsbediening onder haar kussen slaapt. En hoe je volgens Claire het beste met een doof iemand om kunt gaan.

Hier vind je de video met audiodescriptie.

Hier vind je het transcript van de video.

2023-02-20T14:35:37+02:0020 november 2022|0 Reacties

Opvoeden zonder gehoor

Het is altijd mijn wens geweest om moeder te worden. En inmiddels ben ik alweer twaalf jaar de trotse moeder van Florian. Over het opvoeden van Florian met een auditieve beperking krijg ik nog wel eens vragen. Daar geef ik graag wat inzicht in.

Kinderen met dove ouders worden wel CODA’s genoemd: Children of Deaf Adults. Florian is geen echt CODA-kind want mijn man Joost is horend. Maar Florian is wel opgegroeid in verschillende werelden: horend en doof. Voor hem is het een normale situatie om met zowel dove als met horende mensen om te gaan. En ook nog met slechthorende mensen. Dus een beetje bijzonder is dat wel.

Drietalige opvoeding

Wat voor gevolgen had deze situatie voor Florians opvoeding? Nou, onder andere voor het aanleren van talen. Mijn man en ik hebben Florian namelijk drietalig opgevoed. We leerden hem Nederlands, Engels en Nederlandse Gebarentaal.

Ik spreek Nederlands met ondersteunende gebarentaal met hem, en dat doe ik al sinds zijn babytijd. Hoe ouder hij werd, hoe meer ik met gebarentaal kon communiceren. Inmiddels kunnen we elkaar verstaan zonder gesproken taal.

Hoe wij communiceren is vanzelf gegaan: Florian koos altijd al zelf hoe hij communiceerde met mij. Ik versta hem, zolang hij mij maar blijft aankijken, zodat ik naar zijn mondbeeld, mimiek en gebaren kan kijken.

Hulptroepen op video

Het was belangrijk om Florian op te voeden met verschillende talen en communicatievormen, zodat wij thuis als een gezin goed met elkaar konden blijven praten. Maar er zat een extra voordeel aan: zo ervaarde hij ook, dat het normaal is om verschillende talen te spreken en te gebaren.

Als extra hulp, heb ik een reeks kinder-dvd’s van Lotte en Max aangeschaft. Die zijn speciaal gemaakt voor dove en horende kinderen om op een speelse manieren gebarentaal te leren. Ook was er een muziek-dvd van K3, waarop Rosanne van Esch op haar eigen initiatief de liedjes in gebaren tolkte.

Florian vond dat zo leuk, dat we Rosanne zelfs een keer ontmoet hebben op de kermis van Oirschot, waar ze een nieuwe video aan het maken was.

Ook ging Florian wel mee naar verschillende evenementen met veel doven, zoals de Werelddovendag en bijeenkomsten van Grow2Work. Hij vond het erg leuk en interessant om met andere CODA’s te spelen en te gebaren.

Vriendjes zijn nieuwsgierig

Florian gaat er goed mee om dat hij een dove moeder heeft. Hij vindt het eigenlijk normaal dat mensen doof zijn, alleen is de communicatie anders. Hij zegt gewoon op straat tegen mensen dat ik doof ben, wanneer ik niet door heb dat ik word aangesproken.

Florian ziet ook de positieve kanten in. Hij kan makkelijker een koekje stelen, omdat ik het toch niet hoor. Los daarvan, accepteert hij het gewoon dat zijn moeder doof is en hij vindt het prima om met gebaren te communiceren. Daarnaast is het een enorm voordeel dat wij zonder gesproken taal met elkaar kunnen communiceren, zoals door het gesloten raam, of buiten gehoorsafstand.

Contact op school

Ook op school verloopt het prima. Wanneer Florian met mij gebaart, in het bijzijn van zijn klasgenootjes, zijn die nieuwsgierig, verbaasd en vragen ze Florian of ik wel kan spreken. Florian legt dan uit dat ik ook kan spreken en dat mijn stem alleen anders is dan die van horende mensen.

Sommige juffen doen hun best om met mij te communiceren, door rustig te praten. Een tolk vertaalt soms, tijdens het oudergesprek of een voorlichtingsavond. En anders vertaalt mijn man het voor mij. De juffen mailen ook wel eens, als dat handiger is.

Contact met de ouders van  vriendjes verschilt. Sommige ouders vinden het lastig om met mij te praten omdat ze onbekend zijn met doofheid, dan vraagt iemand aan Florian of hij wil meehelpen met vertalen. Florian zegt dan: mijn moeder kan prima zelf praten en liplezen. Soms helpt hij wel even met vertalen, voor een speelafspraak of een adres waar hij naartoe moet.

Oorigineel

Waar deel je als dove ouders ervaringen met elkaar? Waar spelen de kinderen samen, waar praat je, vraag je advies over opvoeding of school? Dat kan tijdens bijeenkomsten van Oorigineel. Er is onlangs een weekend voor dove gezinnen georganiseerd door stichting ‘In Gebaren’. Zeker voor jonge kinderen is dat erg leuk.

Ik heb geen echte behoefte gehad om contact te zoeken met andere dove ouders, maar ik heb wel een paar dove of slechthorende vrienden die ook een gezin runnen. Met hen praat ik regelmatig over opvoeding en over school. Dat is voor mij al voldoende. Florian heeft als kind soms gespeeld met een ander kind van dove ouders en op feestjes met dove kinderen. Dat vond hij altijd erg leuk en hij leert op zulke momenten nieuwe gebaren bij.

Een compliment in de AH

Een tijdje geleden werd Florian aangesproken door een nieuwsgierige medewerker bij Albert Heijn. Hij zag ons lopen gebaren door de winkel en hij vond het prachtig te zien hoe Florian mij zo goed bleef aankijken en dat hij duidelijk communiceerde in gebaren. De medewerker zei dat zijn vriendin zwaar slechthorend was en dat het communiceren met haar steeds moeilijker werd. Nu zag hij door ons dat het ook anders kan. Dat was een mooi compliment.

Opvoeden beleeft iedere ouder anders, ongeacht de mate van doofheid. Dat geldt ook voor de kinderen. Sommige kinderen vinden het lastig dat hun ouders doof zijn, maar niet lang iedereen ervaart als een beperking.

De blog is online gezet op de website van Digitaal Toegankelijk

2022-11-13T15:42:40+02:0013 november 2022|0 Reacties

Waar blijft de ‘Deaf Pride’?

Ik vind dat iedereen reden heeft om trots te zijn op zijn of haar identiteit, groep of gemeenschap. Doordat sommige mensen vanwege hun achtergrond zoals lhbti, beperking of geloof echter niet geaccepteerd of begrepen worden, is trots bij hen soms ver te zoeken. Wie echter maatschappelijke hordes weet te overwinnen, mag zich daar best vaker trots over uitlaten.

Gelijke rechten voor lhbti+’ers

Vrijwel iedereen in Nederland kent de jaarlijkse Pride in Amsterdam. Voor wie het niet kent: hiermee laten lhbti-plussers feestelijk zien dat ze er mogen zijn en vieren ze dat zij grotendeels dezelfde rechten hebben als heteroseksuele mensen. Ook heeft de Pride een protest-kant, voor de zaken die nog niet op orde zijn, in Nederland en in het buitenland.

Dove lhbti-plussers ervaren zelfs een dubbele uitdaging. Om daar aandacht voor te vragen, hebben zij een organisatie opgericht met de naam ‘Roze Gebaar’. Deze werkgroep is onderdeel van het COC, belangenvereniging voor lhbti-plussers, en richt zich op de belangen van de dove lhbti+-groep.

Voor zover ik weet, zijn dove lhbti+’ers daar heel trots op. Ze worden dankzij Roze Gebaar zichtbaarder en beter begrepen in de dovengemeenschap. En evenementen als de Pride in Amsterdam zijn door Roze Gebaar toegankelijker, dankzij extra inzet van gebaren- en muziektolken. Echt iets om trots op te zijn!

Trots op mijn familie

Ook al hoor ik dan niet bij de lhbti-groep, ik ben ook trots. Onder andere op mijn familie.

Al sinds mijn hersenvliesontsteking waardoor ik (tijdelijk) half verlamd raakte en (permanent) doof werd, werden mijn ouders gewaarschuwd over mijn toekomstbeeld. Ik zou nooit meer kunnen lopen, spreken of normaal leven. Geen normale plek in de maatschappij, net als sommige lhbti’ers, in conservatieve gemeenschappen.

Ik zou de rest van mijn leven in een rolstoel leven en afhankelijk zijn van verzorgers. Maar mijn vader heeft dat nooit willen geloven en beloofde de dokters en mij een ander toekomstbeeld.

Zo zijn mijn ouders begonnen met onderzoek naar doofheid, gebarentaal en fysiotherapie. Alles om mij te kunnen helpen leren lopen, bewegen, sporten, praten en erbij te horen. Mijn moeder verzorgde fysiotherapie en diende als tolk wanneer het nodig was. Mijn vader richtte zich op logopedie en taaloefeningen in twee talen: Nederlands en Engels. Zo leerde ik behalve op de dovenschool ook thuis spreken en liplezen, in Nederlands en Engels.

Mijn vader en mijn grootouders hebben mij er vaak aan herinnerd hoe belangrijk het is om in mezelf te geloven en dat ik kon worden wie ik wilde zijn. Dat heeft mij enorm gestimuleerd om mijn doelen en dromen te behalen.

Hard werken loont

Jarenlange fysiotherapie en sporten zoals tennis en fietsen, hebben mij geholpen om mijn spieren sterk te krijgen en zo ben ik met hard werken en geluk over mijn halve verlamming heen gekomen.

Ik heb hard gewerkt. Extra hard, om mijn doelen te bereiken. En daar ben ik trots op. Ik ben trots dat ik – ondanks alles – mijn laboratoriumdiploma heb behaald en dat ik sindsdien heb kunnen werken als laborant, als begeleider voor doofblinden en als ondernemer. Ook vind ik het geweldig om een moeder te zijn van een lieve en slimme zoon Florian.

Doof met hoofdletter ‘D’

Dat toekomstbeeld, dat door de artsen werd geschetst, dat was totaal verkeerd. Inmiddels is juist het tegenovergestelde het geval: ik kan lopen, sporten, autorijden, spreken en liplezen, werken en leren. Met vallen en opstaan huppel ik zelfs door het leven.

Sommige dove mensen willen niet geassocieerd worden met hun doofheid maar worden aangesproken op hun persoonlijkheid en eigen identiteit als een persoon. Dat is hun recht en hun keuze. Maar ik vind dat iedereen juist ook trots mag zijn op wat die heeft bereikt. Het gaat mij niet om hun doofheid of slechthorendheid, maar dat ze vaak net iets harder hebben gewerkt voor het deelnemen in de horende maatschappij.

Binnen de dovengemeenschap is er een gezamenlijke trots voor de dove identiteit. Sommigen noemen zichzelf ‘Doof’, met een hoofdletter ‘D’. Misschien een inspiratie voor het logo van de eerste ‘Deaf pride?’

2022-09-23T19:43:58+02:0023 september 2022|0 Reacties

Handige hulpmiddelen voor doven en doofblinden

Hulpmiddelen voor thuis en werk zijn voor sommige dove en slechthorende mensen noodzakelijk en voor anderen gewoon handig. Door mijn nieuwe werk met doofblinden leer ik veel over alle nieuwe, handige hulpmiddelen die doven en doofblinden kunnen helpen. De meeste maken belangrijke signalen zichtbaar of voelbaar, die voor andere mensen hoorbaar zijn.

Tolkcontact: een app om mee te bellen

Van kinds af aan heb ik thuis een aantal verschillende hulpmiddelen gehad, zoals een alarmsysteem met knipperlicht en een trilpager voor de deurbel en wekker. Als er iemand dan aanbelt, gaat er een licht knipperen in de woonkamer of gaat de trilpager trillen. De wekker heeft een aangesloten trilplaat, die ik onder mijn kussen kan leggen. Zo word ik ‘trillend’ gewekt.

Daarnaast maak ik regelmatig gebruik van het ‘bellen’ via Tolkcontact. Met de app op mijn mobiel bel ik eerst naar Tolkcontact, waar een tolk-bemiddelaar in beeld klaar staat. De tolk belt dan het opgegeven telefoonnummer van het bedrijf. Zo kan ik gebaren en vertaalt de tolk voor het bedrijf mijn vraag of boodschap. Zo kan ik ook de kapper, het alarmnummer of de ANWB bellen.

Hulpmiddelen voor doofblinde mensen

Voor mijn werk als begeleider van doofblinden, ben ik onlangs door een cliënt ondergedompeld in zijn leefwereld met een geblindeerde bril en een blindenstok. Zo kreeg ik een gevoel hoe het is om doofblind te zijn. Dat was een leerzame ervaring. Het helpt mij bewust te worden hoe ik tijdens mijn begeleiding beter kan helpen.

Van mijn doofblinde cliënten leer ik ook over handige hulpmiddelen en trucs voor thuis; hoe ze bijvoorbeeld thee zetten zonder te morsen. Ze maken gebruik van een vloeistofniveau-detector, ook wel een ‘peilaanwijzer’ genoemd. Dit is een klein toestelletje dat een geluids- of trilsignaal geeft wanneer een vloeistof de rand van het kopje of glas bereikt.

Daarnaast hebben ze ook dezelfde ‘trilpager’ als ik, die verbonden is met het bel- en alarmsysteem.

Cochleair Implantaat

Als laatste, noem ik graag mijn Cochleair Implantaat (CI), waar ik eerder ook al eens over schreef. Die CI heb ik al ruim 10 jaar en het bevalt me nog steeds goed. Ik vind het horen van omgevingsgeluid en muziek vaak gezellig en het maakt me bewust van mijn omgeving.

Elke vijf jaar kan ik nieuwe krijgen. Aan het eind van dit jaar verwacht ik een uitnodiging voor vervanging van mijn Cochlear Nucleus 6. Mogelijk ga ik voor de Nuclues Kanso 2, een geluidsprocessor zonder oorhanger. Dat lijkt me fijner dragen. Ik ben benieuwd hoe het zal klinken.

Mijn CI draag ik bijna dagelijks, behalve wanneer ik me moe of ziek voel. Ook niet, wanneer ik een drukke dag heb en me goed wil kunnen concentreren. Wanneer ik mijn CI afdoe, geniet ik ervan om weer in de stille wereld te komen. Dan heb ik minder prikkels van de omgeving en krijg ik meer rust.

Ik moet elke keer opnieuw wennen, als ik ’s morgens mijn CI aan doe. Het harde geluid kan keihard binnenkomen. Daarom zet ik eerst het volume op de laagste stand, zodat ik eraan kan wennen. Later op de dag kan ik het volume langzaam hoger zetten op normaal niveau.

De CI is een hulpmiddel en geen oplossing

Ik geef graag een indruk van hoe een CI klinkt. Het klinkt alsof je onder water gedempt geluid hoort, als een soort robotachtig geluid. Beluister het CI-geluid door te klikken op deze link naar YouTube.

Zoals je misschien hoort, zijn cochleair implantaten geen oplossing, maar slechts een hulpmiddel. Mensen met een CI worden op zijn best slechthorend, afhankelijk van hun gehoorprobleem. Zelf ben ik nog vooral ‘doof’ omdat ik met mijn CI slechts geluiden kan waarnemen, maar niet beter gesprekken kan voeren. Zonder CI hoor ik helemaal niets meer. Ik ben nog altijd een dove vrouw en dat zal ik ook blijven.

De blog is online geplaatst op de website van Digitaal Toegankelijk

2022-08-21T14:47:32+02:0021 augustus 2022|0 Reacties

Mijn werk als begeleider voor doofblinde mensen

Mensen die doofblind zijn, kunnen niet goed horen én niet goed zien. Vanwege deze auditieve en visuele beperking moeten zij extra hard werken om hun dagelijkse leven zo normaal mogelijk te kunnen leiden. Zij kunnen daarom begeleiding krijgen bij Kentalis. Van mij, onder andere. Sinds april begeleid ik daar vier doofblinde mensen. Dit zijn mijn eerste ervaringen.

Gijs

Ik kwam al jong in contact met een doofblinde jongen: Gijs. Hij zat bij mij in de klas op de dovenschool in Amsterdam. Hij is doof geboren, met Usher type 1. Zijn zicht ging later langzaam achteruit. Rond zijn negende kon hij daardoor de juf en het schoolbord niet goed volgen. Hij is toen naar een speciale school voor doofblinde kinderen gegaan.

Gijs zag zichzelf niet als doofblind maar als doof en slechtziend. Ik herinner me dat ik met hem kon praten via gebarentaal. Hij kon mijn mondbeeld en mijn gebarende handen op korte afstand redelijk zien.

Ik heb Gijs een lange tijd niet gezien, tot ik hem een paar jaar geleden tegenkwam bij een ledenvergadering van Dovenschap in Utrecht. Hij herkende mij, toen ik hem gedag zei. Ik moest wennen aan de communicatie met vierhandengebaren, maar we hebben gezellig bijgepraat.

Door Gijs is contact met doofblinde mensen geen onbekend terrein voor mij. Al had ik nooit van tevoren bedacht om begeleider voor doofblinden te worden. Toch ben ik het nu.

Welke uitdagingen hebben doofblinden?

Dat deelnemen aan de maatschappij uitdagend kan zijn, kan iedereen zich wel voorstellen. De combinatie van slechthorendheid en slechtziendheid maakt vooral informatievergaring, mobiliteit en communicatie moeilijk. Maar door mijn werk heb ik geleerd dat ook vermoeidheid een issue is. Doordat activiteiten extra energie kosten, zijn doofblinde mensen vaak snel moe.

Daarnaast geeft slechtziendheid natuurlijk uitdagingen. Mensen met het syndroom van Usher zien alsof ze door een rietje heen kijken. Er zijn ook andere vormen, met vlekken, verschil in contrast of gestreept zicht. Het is dan lastig om voorwerpen, personen of gebouwen waar te nemen en te herkennen.

Ook kan het zijn dat kleur moeilijk waar te nemen is. Met genoeg contrast gaat het goed. Wit op zwart gaat goed, en rood is ook een makkelijk waar te nemen kleur. Sommigen kunnen groen van het gras en bomen zien, maar lichtere kleuren kunnen verward worden met wit of grijs.

Hoe werkt communicatie?

Is liplezen of gebaren zien niet mogelijk, dan heeft een doofblinde extra hulp nodig met vierhandengebaren of een andere methode. Vierhandengebarentaal kan op verschillende manieren gebeuren, met vingerspellen in de hand, blokletters in de hand of echt gebarentaal waarbij je elkaars handen vasthoudt.

Hier zijn tactiele communicatiemethodes voor, zoals ‘Social Haptic Communication’ en ‘Lorm’. Met SHC geef je door aanraking informatie over de plek van voorwerpen en mensen, over beweging, of over sfeer. Lorm is een alfabet van aanrakingen op de hand. Boodschappen kunnen door spellen worden overgebracht.

Hoe lezen mensen met doofblindheid?

De meesten mensen kunnen nog redelijk lezen met hulp van vergrote lettertypes op hun mobiel en op de computer. De meeste mensen kiezen hiervoor, zolang ze dit nog kunnen.

Sommige mensen met doofblindheid hebben echter een cursus voor het lezen van braille gevolgd. Een van mijn cliënten leerde het paar jaar geleden bijvoorbeeld en hij kan er prima mee omgaan. Mijn andere client is er mee gestopt, omdat het hem veel tijd en energie kostte. Hij ziet ook nog goed genoeg. Mochten zijn ogen achteruitgaan, dan kan hij braille alsnog oppakken.

Dé doofblinde bestaat niet

De oorzaken voor doofblindheid zijn divers, zoals genen, ouderdom, een ongeval, vroeggeboorte of hersenvliesontsteking. Daarnaast zijn er veel verschillende gradaties in doofblindheid: aangeboren of niet, en geheel of gedeeltelijk. Hierdoor verschillen ook de hulpvragen.

Cliënten die bijna-blind en hulpbehoevend zijn, help ik bij het boodschappen doen en het winkelen, en bij kleine klusjes in en rondom het huis. Met cliënten die nog redelijk kunnen zien, ga ik fietsen op een duo-fiets, wandelen, help ik bij de administratie of bij taart bakken, museumbezoek of doktersbezoek.

Ik ga altijd vrolijk naar mijn werk

Het fijne menselijke contact vind ik heel mooi aan mijn werk, waarbij ik luister naar wat ze hebben meegemaakt of ‘gehoord’. Deze parttimebaan kan ik prima combineren met mijn ZZP-werk. Ik houd van de afwisseling en ik werk graag met dove en doofblinde mensen. Het past heel goed bij mij. Ik ga altijd vrolijk naar mijn cliënten toe. We praten, lachen en werken fijn samen.

Ik leer veel van hen, waar ze tegenaan lopen, hoe ze ermee omgaan, verwerken en toch positief blijven. Het is zeer waardevol en dankbaar werk, waar ik veel kan betekenen.

De blog is online geplaatst op de website van Digitaal Toegankelijk

2022-08-21T14:48:05+02:0015 juli 2022|1 Reactie

Wat betekent het ‘naamgebaar’ voor de dovengemeenschap?

De Nederlandse Gebarentaal (NGT) wordt niet voor niets met drie hoofdletters geschreven; het is een echte taal met een eigen woordenschat, grammatica en gezegden. Het gebruik van de handen, het gezicht en de ogen staan centraal. Wat veel horende mensen alleen niet weten, is dat dove mensen aparte gebaren hebben voor hun naam: het naamgebaar.

Hoe zeg je in gebarentaal hoe je heet? Je kunt een naam natuurlijk spellen, door in de juiste volgorde gebaren uit het gebarenalfabet te laten zien. Maar het is sneller om een makkelijk, herkenbaar en kort gebaar te gebruiken: een naamgebaar. Zo kunnen mensen je makkelijker onthouden. Je kunt er daarnaast behoorlijk wat humor en creativiteit in kwijt.

Hoe wordt namen in gebarentaal bedacht?

Naamgebaren ontstaan soms door gebruik van de eerste letter van de naam. Vaak is het echter ook afgeleid van een karaktereigenschap, hobby, uiterlijk kenmerk of beroep, of van de betekenis van de naam.

Er zijn mooie voorbeelden hoe je aan een naamgebaar komt: het gebaar voor ‘krul’ voor iemand die krullend haar heeft, het gebaar van een bloem voor iemand die Roos heet, of het wijzen naar de wangen voor iemand met kuiltjes.

Ook voor horende mensen

Omdat een naamgebaar erg persoonlijk is, wordt het door de persoon zelf of in overleg bedacht. Een naamgebaar voor een horend familielid of horende vriendin of collega wordt ook vaak voorgesteld door een dove persoon. Ook dit gebaar heeft vaak weer te maken met hun karakter, een kenmerk, of de betekenis van de naam. Horenden kunnen het erg waarderen als er een naamgebaar bedacht en voorgesteld wordt dat bij hen past.

Het naamgebaar voor Koningin Máxima is met je twee vingers en duim in aanraking naast je oog en met je hand ‘knipperend’ bewegen, alsof je oog aan het knipperen is. Dit naamgebaar is in 2002 ontstaan, toen zij met haar man Willem-Alexander door het land toerde. Door alle flitsende camera’s knipperde Maxima veel met haar ogen. Voilá, de basis voor haar naamgebaar!

Het naamgebaar voor voormalige president Trump beeld je uit, door zijn weggeblazen blonde ‘haar’ uit te beelden: maak je hand plat, leg het bovenop je hoofd en kantel aan een kant van je hoofd, alsof je haar opzij geblazen wordt. Grappig hè?

Naamgebaren voor organisaties en bedrijven

Niet alleen personen hebben naamgebaren. Ook organisaties en bedrijven. Een voorbeeld is Lidl, waarvan het naamgebaar gebaseerd is op het logo: omdat de naam Lidl in een cirkel staat, maak je twee handvormen van een L en een O en breng je handvorm O naar de binnenkant van de handvorm van een L.

Natuurlijk hebben dovenorganisaties ook een naamgebaar. Voor de naam ‘Dovenschap’ maak je twee maal het gebaar voor ‘doof’ en daarna het gebaar voor het woord ‘gemeenschap’.

Speciaal voor Digitaal Toegankelijk heb ik een naamgebaar verzonnen. Kijk maar naar de video hieronder.

Mijn persoonlijke naamgebaar

Mijn naamgebaar is al ontstaan op de dovenbasisschool, toen ik al een enorme kletskous was. Het gebaar maak je daarom, door de letter ‘c’ te maken met je hand, en dan te doen alsof de hand veel praat (vingers en je duim naar elkaar toe bewegen).

Mijn zoon Florian

Het naamgebaar voor mijn zoon Florian heeft bijzondere kenmerken en betekenis. De naam Florian is gebaseerd op het Latijnse woord ‘Florens’ wat ‘bloeiend’ betekent. De beweging in zijn naamgebaar is daarom het gebaar voor ‘bloeiend’: het begint met een vuist, en die open je langzaam naar de gebarenletter ‘F’ (duim en wijsvinger gekruist en de andere vingers gespreid).

Het is prettig en persoonlijk voor iedereen om naamgebaren te gebruiken binnen de dovengemeenschap maar ook voor horende mensen die te maken hebben met dove personen, zoals op het werk en onder familie en vrienden. Ik zie een naamgebaar als een belangrijk communicatiemiddel voor de dovengemeenschap maar zeker ook als een persoonlijk kenmerk, waarmee je meer kan overbrengen dan alleen je naam.

De blog is geplaatst op website van digitaal toegankelijk.

2022-06-12T13:54:07+02:0010 juni 2022|0 Reacties

Mijn dove rolmodellen inspireren me

Een rolmodel is een voorbeeldfiguur om jezelf aan te spiegelen terwijl je opgroeit. Iedereen heeft of had vást ooit zo iemand. De behoefte aan een rolmodel is denk ik alleen nog wel groter voor mensen die een extra uitdaging hebben, zoals doven en slechthorenden. Mijn rolmodellen hebben mij laten mij zien dat je als een dove meer kan doen en bereiken dan ik zelf ooit had gedacht.

Rolmodellen zijn meer zichtbaar geworden

Doven waren vroeger minder zichtbaar, omdat er nu eenmaal niet heel erg veel dove mensen zijn en de dovengemeenschap nu eenmaal niet bij elkaar in één stad, dorp of wijk woont. Veel doven komen ook niet naar een club of bijeenkomst. Wie wel zichtbaar waren, waren personen van dovenorganisaties zoals Dovenschap of de Sportbond KNDSB. Dat werden dus de rolmodellen van toen.

Tegenwoordig zie je gelukkig steeds meer dove rolmodellen, omdat dove mensen steeds meer zichtbaar zijn op tv, websites en sociale media. Ook durven steeds meer dove mensen uit hun comfortzone te stappen en meningen, talenten en ervaringen te delen.

Mijn drie persoonlijke rolmodellen

Ook voor horenden is een getalenteerde dove soms een rolmodel, om hoe succesvol die is, ondanks de ‘harde en moeilijke’ maatschappij. Zoals ook de volgende dove mensen:

Amerikaans model Nyle DiMarco

Nyle DiMarco is het meest bekende dove rolmodel in de wereld, want hij heeft veel bereikt in zijn jonge jaren. De Amerikaan heeft in 2015 meegedaan aan een seizoen van ‘America’s Next Top Model’ en is de eerste dove man die zo’n grote wedstrijd op tv won. Nyle heeft altijd een gebarentolk bij zich en heeft de meest moeilijke opdrachten weten te winnen. Dat maakt enorme indruk op de dovengemeenschap in de wereld, maar ook op horende mensen.

Een jaar deed hij mee aan ‘Dancing with the Stars’. Tot ieders verbazing heeft hij opnieuw als eerste dove man gewonnen bij deze danswedstrijd. Nyle DiMarco gebruikt zijn bekendheid al jaren om aandacht te vragen voor de dovengemeenschap en het gebruik van American Sign Language (ASL).

Limburgse bakker Cas Wolters

In 2018 deed Cas mee aan het televisieprogramma ‘Heel Holland Bakt’. Daarin kwam hij tot de kwartfinale. Hij heeft met zijn bakkwaliteit en zijn aanstekende enthousiasme veel indruk gemaakt op de horende kijkers en de dovengemeenschap.

In 2021 deed hij mee aan de spin-off ‘Heel Holland Bakt Nog Een Keer’. Deze keer schopte hij het tot de finale. Vanwege zijn zichtbaarheid in de tv-programma’s won Cas dat jaar de ‘uitblinker award’ bij de Ctalents Diamond Awards. De jury roemde zijn ondernemerschap en zichtbaarheid. En zijn kwetsbaarheid, waaronder in het erkennen van fouten en wat hij daarvan heeft geleerd.

Cas wil met zijn bekendheid laten zien wat je als een dove wel kunt bereiken, ook al kan communicatie in een horende omgeving een enorme uitdaging zijn. Hij komt ook op voor de rechten van doven en vraagt aandacht voor Nederlandse Gebarentaal (NGT). Cas heeft kunnen bewijzen dat zijn auditieve beperking hem niet in de weg staat. Cas heeft ooit gezegd dat je niet ‘hoeft te kunnen horen om te scoren.’

Utrechtse dove pedagoog en onderzoeker Corrie Tijsseling

Corrie Tijsseling heeft veel voor de dovengemeenschap betekend met haar talenten als pedagoog, onderzoeker en als doorzetter voor de dovengemeenschap, met name voor de rechten en het voortbestaan van NGT.

Door omstandigheden werd Corrie al vanaf een jonge leeftijd zelfstandig en leerde meedoen in een horende wereld, zonder veel steun van haar familie, scholen en vrienden. Dankzij veel vrijwilligerswerk, een sterke motivatie en verschillende opleidingen, is Corrie uiteindelijk aan de Universiteit Utrecht gepromoveerd tot doctor in de Pedagogische Wetenschappen.

Wat Corrie hiermee wil laten zien is, dat je als dove of slechthorende veel kunt bereiken, zolang je niet door de horende omgeving (zoals ouders en leraren) op een laag niveau wordt gehouden. Ook moet je als een dove meer laten zien wat jouw talenten zijn, in plaats van alleen je auditieve beperking.

Wat heb ik geleerd van mijn dove rolmodellen?

Mijn rolmodellen inspireren mij alle drie om meer uit mijn leven te halen met mijn eigenschappen, talenten en hobby’s. Zij geven me meer zelfvertrouwen en helpen me meer begrepen te worden als dove persoon. Tegen moeilijke situaties kan ik nu wat doen, zoals het probleem met mijn familie en vrienden bespreekbaar maken.

Daardoor heb ik onder andere mijn eigen bedrijf durven opzetten, waarmee ik me inzet voor dove mensen op de arbeidsmarkt, en voor inclusie en diversiteit. Naast de dovengemeenschap hoop ik daarnaast ook de horende maatschappij te bereiken. Ik heb door mijn rolmodellen ook als dove ervaringsdeskundige durven presenteren aan een horend publiek en ik durfde kort geleden de uitdaging aan te gaan om begeleider van doofblinden te worden bij Kentalis. Daarover lees je later meer.

Deze blog is geplaatst op de website van digitaal toegankelijk

2022-06-01T09:35:24+02:001 juni 2022|0 Reacties

Hoe drempelvrij is het reizen voor doven?

Kan je als een dove zelfstandig reizen met het openbaar vervoer? Wat doe je als er onverwachte problemen zijn? Hoe red je je in het buitenland als je geen vreemde taal kunt spreken of horen? Deze vragen zijn mijn leidraad bij het schrijven over mijn reiservaringen. Spoiler: het kan een enorme uitdaging zijn, maar ik reis als dove vrijwel probleemloos.

Met de schoolbus of het ov

Al tijdens mijn jeugd in Alkmaar raakte ik gewend aan reizen. Dagelijks ging ik met een schoolbusje naar een dovenschool voor basisschoolkinderen in Amsterdam. Naar de middelbare school voor slechthorenden in Schagen, reisde ik zelfstandig met de trein. Tijdens mijn laboratorium-opleiding in Beverwijk en in Amsterdam kwam daar ook nog de metro bij.

In mijn jeugd waren er nog geen mobiele telefoons waarop je kon opzoeken wat er aan de hand is. Treinvertraging of –uitval waren daarom wel erg lastig, aangezien ik geen omroepen van de NS kon horen. Ik heb geleerd om aan een NS-medewerker of medereiziger te vragen wat het probleem was. Zij schreven dat dan op, of welke trein ik beter kon nemen.

Wanneer er helemaal geen trein meer naar Alkmaar ging, belde een medereiziger wel eens mijn vader op. Die kon mij dan op een afgesproken station ophalen.

NS-berichten vooral voor horende reizigers

Het is mij vroeger al opgevallen hoe weinig rekening de NS hield met dove reizigers: een vertraging werd vaak op het station omgeroepen, maar er was weinig informatie te vinden op de borden. Een dove reiziger was daardoor vaker afhankelijk van een conducteur.

Of van medereizigers. Bij treinuitval zag je die naar een ander spoor of naar een bushalte lopen. Als dove reiziger liep ik dan vaak mee met de stroom en vroeg ik wat er ging gebeuren. Meestal belandde ik zo letterlijk weer op het juiste spoor.

Reizen in het buitenland

Ook in het buitenland redde ik me altijd wel. Met mijn ouders ging ik iedere paar maanden naar mijn grootouders in Londen. En in de zomer verbleven we in de Belgische Ardennen. In de Londense dubbeldekkers en de ‘tube’ reisde ik weliswaar met anderen, maar zo leerde ik wel het systeem kennen. Ook in andere landen, overigens, zoals Amerika. Later ging ik vaker in mijn eentje, met het vliegtuig en met de trein. Soms haalde mijn opa mij op van het vliegveld, maar meestal ging ik met de trein en metro naar hen toe. Ook dat ging allemaal soepel.

In Engeland is het goed geregeld met het ov. Slechts bij uitzondering was het nodig om hulp te vragen aan medereizigers. Ik kan zelfstandig Engels spreken, liplezen en schrijven, dus de communicatie met Londenaren is geen probleem. Ze zijn gewend aan buitenlandse toeristen en ze hebben daardoor geleerd om zich tijdens het spreken aan te passen.

Voor mij is het reizen dus geen probleem. Als Engels spreken niet lukt, dan ga ik vaak iets schrijven of gebaren gebruiken, dan kom ik er wel uit.

Landelijke treinstoring

Tegenwoordig kunnen we gelukkig ook gebruikmaken van een telefoon met toegang tot websites en apps met reisinformatie. Ook elkaar informeren gaat nu veel makkelijker.

Afgelopen zondag liep ik met een dove vriendin een bloesemtocht-wandeling in Geldermalsen. We reisden er met de trein naartoe. Blijkbaar vond er in de middag een enorme storing bij de NS plaats, waardoor in heel Nederland geen treinen meer reden. Toen wij comfortabel bij een restaurant zaten, kreeg ik een berichtje van mijn man met de boodschap dat we niet met de trein naar huis konden.

Mijn vriendin en ik hebben het geluk gehad dat mijn man ons kon waarschuwen via Whatsapp en dat hij ons kon ophalen bij het station Geldermalsen. We zijn heel blij met deze technologie. Hoe had mijn man ons anders moeten bereiken en hoe hadden wij kunnen afspreken bij het station?

Door ervaring geen angst

In het buitenland is het handig gebleken om een vertaalapp of een woordenboek mee te hebben. Dat laatste klinkt een beetje ouderwets, maar het kan heel handig zijn wanneer je in een afgelegen dorpje zonder internet bent. Dat heb ik met mijn gezin meegemaakt tijdens ons vakantie op Griekse eilanden. Gelukkig had ik mijn Griekse woordenboek mee.

Hoewel ik me goed voorbereid, ben ik nooit echt bang voor reizen geweest, of dat nou met de auto, het vliegtuig, de ferry of met het ov is. Ik was wat reizen betreft al jong zelfstandig. Daarom ben ik er nu juist dol op. Zo zie je veel van de natuur, het landschap, de cultuur en mooie dorpjes of steden. En mijn doofheid heeft mij dus nooit echt belemmerd. Met een beetje hulp, kwam ik altijd goed aan.

Met het vliegtuig naar Airport London Stansted

Deze blog is online geplaatst in de website van Digitaal Toegankelijk.

2022-04-24T11:36:23+02:0024 april 2022|0 Reacties

Nieuw baan als begeleider doofblinden bij Kentalis Zorg

Naast mijn ZZP-werkzaamheden, wil ik al een tijdje een parttime baan vinden. Tijdens corona periode krijg ik steeds minder ZZP opdrachten door strenge maatregelen. Dat heeft mij doen beseffen dat het tijd wordt om op zoek gaan naar een leuke parttime baan. Na een tijdje solliciteren en een paar sollicitatie gesprekken verder, ben ik bij Kentalis Zorg terecht met uitdagende sollicitatie voor een werkfunctie van begeleider doofblinden.

Met trots deel ik graag geweldig nieuws: Ik ben aangenomen bij Kentalis Zorg als ‘begeleider doofblinden’. Het is een enorme uitdaging en leerzaam om met doofblinde cliënten te werken. Het is een parttime baan. Daarnaast blijf ik zeker als ZZP’er vanuit Klinktprima mijn projecten uitvoeren. Dat valt goed te combineren met mijn nieuwe baan.

Het is een leerzame en uitdagende werkzaamheden met doofblinde cliënten. Het zijn cliënten, wie minder goed kan zien en horen. Ik begeleid ze bij het boodschappen doen, het winkelen, wandeling en uitstapjes maken, klusjes in en om huis. Voor ze ben ik hun ogen en oren en zo maak ik hun wereld groter en fijner.

Het is een prachtig combinatie van parttime baan als begeleider doofblinden en ZZP’er met verschillend werkopdrachten.

Kan een afbeelding zijn van 1 persoon en binnen

2022-04-16T11:33:28+02:0016 april 2022|0 Reacties

Hoe ik me al vijftien jaar inzet voor doven op de arbeidsmarkt

Vijftien jaar geleden ben me gaan inzetten voor doven en slechthorenden op de arbeidsmarkt. Als ervaringsdeskundige merkte ik hoe moeilijk het is om als doof persoon werk te vinden en te behouden. Om die reden ben ik gestart met Klinktprima.nl; een website met ervaringsverhalen, tips en informatie voor doven en slechthorenden, maar ook voor werkgevers en professionals. Aangezien Klinktprima nu 15 jaar bestaat, grijp ik deze kans graag aan om meer te vertellen over hoe het mij de afgelopen 15 jaar is vergaan in mijn poging om doven en slechthorenden te helpen om een baan te vinden – en te houden.

Mijn eerste baan als medisch laborant

Voordat ik met Klinktprima begon, was ik werkzaam als medisch laborant. Mijn laatste baan als laborant ben ik verloren toen het laboratorium van dat bedrijf ging verhuizen naar Zuid-Limburg en mijn contract niet werd verlengd, omdat ik zwanger was.

Na de geboorte van mijn zoon ging ik in 2011 opnieuw solliciteren naar een baan als laborant. Door het gebrek aan vacatures was dit moeilijk. Tijdens de gesprekken die ik wél had, ging het mis op de weekend- en nachtdiensten. Omdat daar veel (met spoed) gebeld wordt, was ik als doof persoon niet geschikt.

Na deze pogingen heb ik besloten om me als vrijwilliger te richten op de dovenwereld en de arbeidsmarkt. Zo kon ik op mijn gemak rondkijken en ontdekken wat ik kan betekenen en of ik op die manier leuk werk kon vinden.

15-jarig jubileum van klinktprima.nl

Video van de website Klinkprima, waarin Claire zichzelf voorstelt en uitlegt wat Klinktprima doet.

In 2007 kwam mijn website Klinktprima in de lucht. De website werd meteen goed bezocht en ik kreeg goede reacties vanuit de dovenwereld.

Via Dovenschap kreeg ik de kans om Klinktprima meer bekendheid te geven middels het Platform Auditieve beperking Werk (PAW). Er deden verschillende re-integratiebureaus en belangenorganisaties mee, met als doel om de arbeidsmarkt voor doven en slechthorenden te verbeteren.

Voor mij is het belangrijk om informatie te geven aan werkgevers, professionals en aan de groep dove en slechthorende werkzoekers, als ook aan werknemers. Het ontbreekt aan informatie over hoe men met dove mensen kan samenwerken en communiceren. Zo zijn er veel hulpmogelijkheden, van jobcoaching en loopbaanbegeleiding tot verschillende hulpmiddelen en gebarentolken. Maar het delen van ervaringen is een belangrijke toevoeging, omdat ze zo voorbeelden zien van wat er wél allemaal kan met hun talenten – ondanks hun beperking.

Mijn netwerk breidde snel uit, ook door de samenwerking met verschillende organisaties. Ook word ik soms benaderd door horende studenten met de vraag of ik ze kon helpen met informatie over de dovencultuur, de werkpositie van doven en gebarentaal. Verschillende media wisten mij ook te vinden en wijdden artikelen aan de positie van doven op de arbeidsmarkt.

Mijn eigen bedrijf

Bij verschillende projecten heb ik als vrijwilliger en ambassadeur veel geleerd. Dat heeft me in 2017 doen beslissen om van Klinktprima een bedrijf te maken. Zo kon ik tegelijkertijd mijn werkzaamheden als begeleider, inspirator en trainer voortzetten en tegelijkertijd betaalde werkopdrachten uitvoeren.

Al deze jaren heb ik me middels zelfstudie verdiept in belangrijke onderwerpen zoals ‘succesvol werken aan je competenties’, ‘communicatie op de werkvloer’ en ‘arbeidsparticipatie’. Hiervoor heb ik diverse artikelen geschreven waarmee ik informatie en tips geef om anderen te leren hoe je met je beperking toch goed kan meedraaien in de maatschappij en op de arbeidsmarkt.

Dove en slechthorende werkzoekenden weten mij ook vaak te vinden met vragen over sollicitaties en werkproblemen. Ik vind het hartstikke leuk om werkzoekenden te kunnen helpen met mijn antwoorden en tips vanuit mijn eigen ervaringen en kennis.

Dat soort werk om voor mensen met een auditieve beperking op de arbeidsmarkt op te komen, geeft mij veel positieve energie en voldoening. Het is altijd geweldig om iemand te kunnen helpen aan een leuke baan. Of om (horende) professionals een ‘eyeopener’ te geven over hoe het is om doof of slechthorend te zijn tijdens een bijeenkomst.

De betekenis van mijn inzet voor mensen

Werkgevers helpen

Jammer genoeg is er nog steeds sprake van onwetendheid bij werkgevers, waardoor ze koudwatervrees hebben om een doof persoon in dienst te nemen. Door de juiste informatie te geven ontstaat er vaak meer begrip en kunnen bepaalde twijfels weggenomen worden. Zo gaan ze meer in mogelijkheden denken in plaats van het denken in beperkingen. Soms is het nodig om de wereld ‘om te keren’ en werkgevers onder te dompelen in de dovenwereld, bijvoorbeeld door het ze gehoorbeschermers op te zetten en te laten ervaren hoe dat is.

Studenten

Ik word nog regelmatig benaderd door studenten die onderzoek doen naar dove mensen. Ik denk met ze mee of geef mijn input als respondent voor hun enquetes. Zo draag ik ook bij aan het wetenschappelijk onderzoek dat gedaan wordt rondom dit thema.

Het verkleinen van de kloof

Met klinktprima kan ik op verschillende manieren iets betekenen voor diverse doelgroepen. Als informatiebron, als buddy voor werkzoekenden, als trainer of inspirator of door het geven van tips over sollicitatiemogelijkheden of het verbeteren van de samenwerking op de werkvloer.

Het is mijn passie en trots om zoveel te kunnen betekenen voor anderen. Zo wordt de deelname aan de maatschappij en arbeidsmarkt makkelijker en de kloof tussen auditieve beperkten en horende maatschappij kleiner.

Deze blog is online gezet op de website van digitaal toegankelijk.

2022-03-17T17:22:39+02:0017 maart 2022|0 Reacties
Ga naar de bovenkant